Je gaat naar Holstebro in Denemarken en je hebt maar een wens: een mooie kata neerzetten. Soms lukt het. Soms niet. Door omstandigheden. Doordat je struikelt. Omdat de hoofdbobo het schema omgooit.
In plaats van om half twaalf moest ik gisteren ineens om half tien op de mat. Ik was niet opgewarmd en dat hebben de ouwetjes toch echt nodig. Tenminste. Ik wel.
Gelukkig werd het uitgesteld en waren we pas om half elf aan de beurt. Ik mocht als derde mijn kata lopen.
“Beter dan mijn best kan ik niet doen,” dacht ik. En dat deed ik dan ook. Dat is bij mij best een proces van naar binnen keren, genoeg adrenaline opwekken en mijn gevechtsgeest oproepen. Alsof ik een echt gevecht in ga.
Na de eerste ronde de verplichte kata lopen, had ik de tweede plek in de tussenstand. Ik mocht door naar de finale.
Opnieuw de juiste mentale instelling oproepen en een andere kata lopen. Je mag niet dezelfde namelijk. Ook die liep ik echt goed. En ik stond nog steeds tweede achter de Ierse veteraan. Iedere deelnemer na mij scoorde lager. Toen was de laatste aan de beurt. De Griekse scoorde hoger en ik zakte naar de derde plaats.
Onverwachte medaille
En daar was ik zo ontzettend blij mee! Ik voelde het als een kroon op mijn harde werk van de afgelopen jaren.
Ik heb deze medaille keihard verdiend en ik ben er enorm trots op. Ik ben gewoon derde van Europa. Het moet alleen nog wel even landen.